Lang geleden leefden alle naties in vrede samen. Maar alles veranderde toen de Draken kwamen. Het woeste volk trok als een wervelwind door de dorpen en liet niets anders achter dan dood, vernieling en ruïnes. De Draken raasden maar door en door en kregen ook Xi-ro in hun zicht. De ouderen van dit machtig en prachtig dorp kwamen samen om te bespreken wat ze moesten doen, om te bespreken wie hen kon bijstaan in deze vreselijke zaak. De alleroudste sensei wist raad. Hij had gehoord van een oude spreuk die de meest dappere krijger onverslaanbaar zou maken. Hij zou sterker zijn dan beren, onverzettelijker dan bergen, sneller en beweeglijker dan een bergrivier. De rest van de ouderen wisten dat het een gevaarlijke procedure ging zijn maar ze hadden geen keus. Het lot van het hele dorp lag in hun handen, en falen mochten ze niet doen.
Tijdens een volle maan gebeurde het dan. Ze verkozen hun dappere krijger en voerden het aloude ritueel uit. Die krijger werd voor hun ogen groter, zijn spieren zo hard als staal. De transformatie was gelukt, en maar net op tijd ook. Die ochtend vielen de Draken met zonsopgang aan. Het leger van Hom-Bek, versterkt met hun nieuwe Superkrijger, was onverslaanbaar, de Draken waren kansloos.
Het ritueel had wel een bijeffect waar niemand van wist. Na de strijd, toen het gevaar geweken was, transformeerde de Superkrijger weer. Dit keer werd hij niet terug een gewone man, maar hij veranderde in steen. Jarenlang werd zijn standbeeld aanbeden in Xi-ro, maar na de vulkaanuitbarsting en tsunami verdween de stad van de aardbodem en daarmee ook het beeld.
Nu leeft de Stenen Samourai alleen nog maar verder in de verhalen van de mensen, en de aloude voorspelling dat als er ooit nog eens een vijand onze velden zou bedreigen, de Stenen Samourai zou terugkeren.
Laten we hopen dat het klopt, want als de brieven gelijk hebben komt er een woest volk aan, dat zijn zinnen gezet heeft op de totale dominantie van de wereld. Onder het gezag van hun leider de Khan hebben ze al het Noorden en het Oosten veroverd en hebben ze nu hun zinnen gezet op het westen, op ons Hom-Bek...